Live: Roadburn 2017 – Zaterdag 22 April

Roadburn is een fenomeen op zich. Het festival slaagt er als geen ander in om verschillende uithoeken van het zwaardere genre samen te brengen tot één coherent geheel. En dat niet alleen, vele bands maken geven graag net dat beetje extra of komen verrassend uit de hoek met unieke performances. In het derde weekend van april was daar alweer het hoogtepunt van het jaar op muzikaal gebied. Murmure trok drie man sterk naar Tilburg om verslag te doen. Met enige vertraging, waarvoor excuses, de derde dag van het festival in de spotlight.

Tekst door: Sinan en Daniël

Foto’s door: Jurgen van Hest

Laster

Nog geen 12 uur nadat de lichten en het geluid waren gedoofd van de laatste band van de vorige avond, kon men om kwart voor 2 op zaterdagmiddag alweer aantreden voor de derde dag van Roadburn. In de categorie “Roadburn introduces…”mocht na DOOL, dit jaar Laster aantreden, dat recent hoge ogen gooide met Ons Vrije Fatum. De show van deze middag stond dan ook voornamelijk in het teken van die plaat, die nogal eigenzinnig is. Van ijzingwekkende screams en blast beats naar een saxofonist en een sensueel dansende Johan van Hattum (Terzij De Horde). Laster omschrijft zichzelf dan ook niet voor niks als “obscure dansmuziek”. Alles bij elkaar een bij wijlen bevreemdend, toch uitstekend optreden. (D)

No Spill Blood

De eerste dag van John Baizley’s curated event kunnen we een succes noemen, met veel goede keuzes die leidde tot evenzoveel memorabele optredens. Toch moeten we de man ook een puntje van kritiek meegeven. Zijn keuzes waren wel een beetje safe, als in: het waren groepen die de gemiddelde Roadburnganger allang gezien heeft. Zijn zaterdag programmering waarin het Patronaat in beslag wordt genomen daarentegen, is dan weer net iets obscuurder

De eerste band van Baizley’s zaterdag programmering is gelijk een onalledaagse. No Spill Blood is namelijk een groep die eclectisch te werk gaat door genres als sludge, hardcore, post-punk, industrial, noise, synthwave aan elkaar te rijgen. Nog een bijzonderheid, deze Ieren maakten geen gebruik van een gitaar. Niet dat je het miste, want de vette bas leads en dansbare synths vulden alle potentiële leegtes op. Constant werd er gebalanceerd tussen sfeervolle elektronica en stevige metal, met als gevolg energiek songmateriaal dat onmogelijk valt te categoriseren. Wel zonde was dat het geluid een beetje matig was, waardoor de elektronica niet altijd goed naar voren kwam. Daarbij zat de sfeer er ook nog niet helemaal goed in, doordat iedereen (inclusief de band) nog een beetje slaperig leek. Het was dan ook nog relatief vroeg, dus dat viel nog wel te vergeven. Doe jezelf een plezier en geef deze unieke band een kans. (S)

The Bug VS Dylan Carlson of Earth

The Bug VS. Dylan Carlson of Earth

Kevin Martin, alias The Bug, is een Britse producer die thuis is in elektronische muziek. Dylan Carlson kennen we als gitarist van droneband Earth. Samen opereren zij onder de weinig creatieve naam: The Bug vs Dylan Carlson Of Earth. Deze onverwachte samenwerking leidde al tot twee uitstekende releases, maar ook live klinkt het subliem. Op het eerste gehoor leek het niet veel, maar wie zijn ogen sloot raakte al gauw in trance. De hoofdmoot van de muziek was een mengelmoes van dub, noise en industrial, waarin zware beats en machinale samples hoogtij vierden. Deze soundcollages werden vervolgens fraai ingekleurd door het karakteristieke, galmende gitaarspel van Carlson. De composities waren traag en minimalistisch opgebouwd, al is dat natuurlijk geen verrassing gezien de cv’s van beide mannen. Daarnaast klonk het ook: donker, zwaar, sfeervol en zelfs een tikkie desolaat. Het was wel jammer dat deze collaboratie zo vroeg geprogrammeerd stond, want dit zou een heerlijke afsluiter zijn geweest voor in de late uurtjes. Dit soort muziek is namelijk perfect om je gedachten leeg op te maken en ver weg te dromen. Gelukkig konden Carlson en The Bug ook vroeg in de middag moeiteloos overtuigen. (S)

Misþyrming

De geruchten hingen al even in de lucht en het was achteraf dan ook gezien niet geheel verrassend dat Misþyrming een surprise show gaf. Locatie van handelen was Cul De Sac, half vier precies. Geluk voor degenen die binnenkwamen, pech voor degenen die er niet of te laat achter kwamen. Stampvol was het toen de IJslandse blackmetalband aan zijn korte doch krachtige set begon. Zoals altijd, speelde de band vol overgave met een flinke dosis aan energie en brutaliteit. Nummers van debuut Söngvar elds og óreiðu passeerden de revue, maar ook een hoop nog niet uitgebracht materiaal. Zo mogelijk was het nog intenser dan Naðra een dag eerder. Enig minpuntje: het geluid in de Cul de Sac blijft toch een aardig probleem. Tot slot is het vooral uitkijken naar die langverwachte tweede Misþyrming-plaat. (D)

Misþyrming

Oranssi Pazuzu

Volgens de gelukkigen die afgelopen jaar aanwezig waren bij Oranssi Pazuzu, was het de band van Roadburn 2016. Mocht ik toen, wegens die fameus lange rij niet veel te laat binnen zijn geraakt, had ik wellicht die mening gedeeld. Diezelfde fameuze rij was de voornaamste reden om Oranssi Pazuzu  wederom uit te nodigen, ditmaal op de Main Stage. Aanvankelijk heerste de vrees dat de band enigszins zou verdrinken in de kolossale zaal, maar die vrees bleek zeer ongegrond. Vanaf het moment dat de Finnen aftrapten met Kevät, werd ik direct meegezogen in de geschifte psychedelische wereld van de blackmetalgroep, om pas na afloop weer uit die trans te ontwaken. Met hoogtepunten als Saturaatio (man, wat een waanzinnig nummer is dat toch!) en natuurlijk de absolute climax van Vasemman käden hierarkia – dat tevens de climax van de show betekende – was het dik geniet van de muzikale kunde van dit gezelschap. Volgend jaar nóg maar eens overdoen? (D)

Oranssi Pazuzu

Youth Code

We blijven in elektronische kringen hangen met Youth Code. Dit Amerikaanse duo maakt industrial/EBM met een flinke hardcore attitude. Alle muziek was puur elektronisch en werd gedaan door Ryan George middels synthesizers, samples, mengpanelen en een drumcomputer. Met kille synths en pompende beats werd er een machinaal geluidstapijt neergezet zowel sfeervol als agressief klonk. Dat laatste kon ook niet anders, gezien de opvliegende vocalen. Dit gold voor de achtergrondzang van George, maar al helemaal voor frontvrouw Sara Taylor. Je zult zelden een zangeres tegenkomen met een giftigere schreeuwstem als deze dame. Het tweetal was duidelijk gedreven en stond energiek op het podium. Taylor ging zelfs zo hard tekeer dat haar microfoon enkele keren uitviel. Of waren dit nog naweeën van de geluidsproblemen van de dag ervoor, ze speelden immers in het Patronaat? Hoe dan ook, de vaart lag er gelukkig nooit echt uit. Zodoende denderde Youth Code stevig voort met geweldig materiaal, waaronder For I Am Cursed en Carried Mask. Kortom: wederom een goede keuze van John Baizey. (S)

Warning

Een andere act waar ik zeer benieuwd naar was, was Warning. De band heeft met zijn album Watching from a Distance een bepaalde status opgericht binnen zekere kringen. Goed nieuws dus, want de doomband speelde zijn tweede plaat integraal op de Main Stage. Onder aanvoering van Patrick Walker (40 Watt Sun), sleepte de band zich door het album. In positieve zin, want Warning verkeerde in prima vorm. Melancholie in optima forma. Triestig aan de ene kant, maar zo mooi aan de andere kant. En dan die stem van Patrick! Warning leverde zo een uitstekende show af, waar louter positief op terug kan worden gekeken. En dat binnen doom metal… (D)

Warning

Slomatics

Slomatics mag dan wel een relatief obscure groep zijn, ze mogen wel over één ding opscheppen. Ze zijn namelijk zo’n beetje de grootste inspiratiebron geweest voor doomgigant Conan. Het mocht dan ook tijd worden dat deze Noord-Ieren hun eerste Roadburn uitnodiging ontvingen.

Slomatics is een band die balanceert op de vage grens van sludge, doom en stoner. De songs klinken dan ook zoals je ze zou verwachtte: traag, repetitief en loodzwaar. Net als Conan dus, alleen heeft hier de leerling wel duidelijk de meester overtroffen. Het was allemaal wel aardig wat Slomatics deed, maar het liet minder impact achter als ik vooraf hoopte. De schreeuwzang en drums van Martin Harvey waren niets om over naar huis te schrijven, waardoor het optreden volledig werd gedragen door de laaggestemde gitaren. Gelukkig klonken de stroperige riffs behoorlijk stevig en bij wijlen zelfs hypnotiserend. Heerlijk om op te headbangen, maar verder had het niet veel te bieden. Toch leefde het optreden op toen bij het slotnummer een speciale gast achter de microfoon stapte. Namelijk: Jon Davis van – hoe kan het ook anders – Conan! Zijn sinistere vocalen klonken zoals altijd uitstekend en gaven het optreden iets wat ontbrak: een gemener randje. Tof einde van een show die vooral heel erg oké was. (S)

Wear Your Wounds

Converge stond vorig jaar tweemaal op Roadburn en keerde ook voor deze edite weer terug naar Tilburg. Of althans, frontman Jacob Bennon deed dat met zijn nieuwe project Wear Your Wounds. Naar eigen zeggen een project dat vooral heel persoonlijk is. Enigszins ironisch was het echter Jacob Bennon zelf die licht uit de toom viel. Aan passie geen gebrek, maar zijn zang tijdens dit optreden was op zijn minst zeer dubieus te noemen – soms tegen het valse aan. Daarentegen stonden er verder uitsluitend prima muzikanten op het podium die het optreden alsnog wisten te redden. Vooral gitaristen Kurt Ballou en Sean Martin gaven het geheel de emotionele lading mee die Wear Your Wounds verdient. Daarbij was de sfeer in het, toch opvalland, lege Patronaat uitstekend. Al met al toch een dikke voldoende. (D)

Wear Your Wounds

Trans Am

En dan nog één bandje uit de koker van John Baizley, Trans Am. Op zich een voor de hand liggende keuze. De drummer van deze band, Sebastian Thomson, is immers de slagwerker van Baizley’s Baroness. Maar ook zonder die connectie hadden deze genretovenaars het verdiend om hier te staan. Recensenten scharen deze band dikwijls onder post-rock of indie, maar ondertussen hoor je ook o.a. punk, psychedelica, synthpop, krautrock en metal. Het is vrij stevig, maar dankzij de geweldige drumritmes van de jarige Thomson ook erg dansbaar. Alsof dat nog niet genoeg is geven de vele synth-partijen en vocoder-zang het bij wijlen een futuristisch randje.

De eclectische sound van dit trio is ronduit geweldig, zoveel mag duidelijk zijn. Gelukkig sloot het songmateriaal hier goed op aan. Alle nummers waren namelijk goed geschreven en toonden veel variatie. Niet alleen qua stijl, want ook met de instrumenten werd er constant gerouleerd. Het ene moment is het synthesizer gericht, terwijl niet veel later er weer werd geopteerd voor virtuoos bas- én gitaarspel. Je wist nooit welke richting de show ging nemen en dat maakte het extra intrigerend. Ook leuk om te zien was dat de heren zichzelf niet al te serieus namen. Dit werd vooral duidelijk tijdens Tesco v. Sainsbury’s, toen frontman Nathan Means nonchalant een zak chips opat, maar ondertussen geen noot miste op de toetsen.

De show eindigde op een torenhoge noot middels het spacey Play In The Summer, waarin nog één keer alles uit de kast werd gehaald. Toen het echt voorbij was wist ik het dan ook gelijk: deze geniale band moet ik vaker zien. Trans Am, onthoud die naam! (S)

Trans Am

Ultha

“Fuck nazi-sympatism!” Het is een duidelijk statement dat Ultha gaf, alvorens het aan zijn set begon. Niet geheel een verwonderlijk statement, gezien wat de band de afgelopen weken was overkomen. Zo werd de band, samen met Woe, van een festival gegooid, omdat de groep samen met Inquisition zou optreden in Rotterdam. Sarcasm on/ En Inquisition is, zoals iedereen weet, een nazi-georiënteerde blackmetalgroep. /Sarcasm off. Een paar honderd kilometer voor noppes gereden, omdat de band zogenaamd bepaalde ideeën zou tolereren. Right…

Afijn, dat op een sidenote. Want de show zelf deed alles vergeten wat er in wezenlijk toe doet. De verschijning op Roadburn, was het laatste optreden van deze Europese tour en Ultha stond daarom ook als een huis. In een prop-, maar dan ook propvolle Extase leverde de Duitse blackmetalband één van de beste shows van het hele weekend af. Met vol overgave, intensiteit, emotie en energie, werd alles te niet gedaan, of toch voor even dan. Velen lieten zich dan ook compleet meeslepen in de muziek en dat zorgde tevens voor één van de meest sfeervolle momenten van Roadburn. En in ogenschouw nemend het statement dat de band voorafgaand aan de show gaf, hing er tevens ook iets speciaals in de lucht. Alsof iedereen voordat moment even één was, louter om met zijn allen van de muziek te genieten. Nu is dat sowieso één van de aspecten waar Roadburn voor staat, maar nog nooit was het zo hard voelbaar tijdens een optreden. Uiteindelijk kwam er via het waanzinnige, zeventienminuutdurende kroonstuk Fear Lights the Path (Close to Our Hearts), een einde aan op zijn minst de meest intense en emotionele shows van deze Roadburn. (D)

Ultha

Aluk Todolo

Van Ultha vlug naar Aluk Todolo. Het is druk in de Green Room en dat getuigd van het feit dat de Franse groep behoorlijk zieltjes aan het winnen is de laatste tijd. De muziek, die niet eenduidig te omschrijven is, is hypnotiserend. Het houdt zich ergens te midden van occult rock, black metal en krautrock. Het middelpunt van het podium vormt een gloeilamp die aan een lang koord naar beneden hangt. Soms wordt hij wat feller, soms dimt deze. En op de achtergrond zijn visualisaties te bewonderen. Alles gaat om sfeer bij Aluk Todolo. En die sfeer is ook zeker aanwezig. Het meerendeel van het publiek laat zich meevoeren in de trance van de muziek. Bijzonder optreden.

Aluk Todolo

Mysticum

Een aantal weken later, en ik ben mezelf nog steeds voor het hoofd aan het slaan dat ik voor Mysticum heb gekozen in plaats van Carpenter Brut. Daarover hieronder meer. Nu eerst Mysticum.

Ok, visueel was het behoorlijk aantrekkelijk wat Mysticum op het podium had gezet. Maar het feit dat daar na afloop het meest over gepraat werd, is wellicht tekenend voor de rest van het optreden. Op drie riante verhogingen, vertolkt de Noorse blackmetalband zijn materiaal. En daarmee werd pijnlijk duidelijk dat de Main Stage simpelweg niet geschikt is voor black metal die het van zijn sfeer moet hebben. Ja, met alle visualisaties was het imposant om naar te kijken, maar daar hield het een beetje op. Het geluid was aan de zachte kant en de muziek verdronk haast in de grote zaal. En uiteindelijk zegt het wellicht ook wel genoeg dat het niet bijzonder druk was tijdens Mysticum. Helaas. (D)

Mysticum

Carpenter Brut

Voorop gesteld: het is onmogelijk om het optreden van Carpenter Brut niet te vergelijken met die van Perturbator, een dag eerder. Beiden komen uit Frankrijk en spelen door 80’s filmsoundtracks geïnspireerde retro-futuristische synthwave. Op cd is het zelfs vrij lastig om ze van elkaar te onderscheiden. Desondanks overtrof Carpenter Brut zijn collega op elk punt, en niet zo klein beetje ook.

Carpetner Brut is dan wel een elektronische act, toch had het optreden een hoog live-gehalte. Geen dj-set hier, maar een volledig band waarin de toetsen, gitaar en drums allemaal voor onze neuzen werden bespeeld. En het klonk geweldig! Bijna al het gespeelde materiaal kwam af van Trilogy en het viel op hoe goed de songs van Carpenter Brut eigenlijk geschreven zijn. Zoals verwacht was het erg energiek met pompende ritmes en swingende synths, het blijft tenslotte dansmuziek. Maar ondertussen was het ook sfeervol, catchy en fantastisch opgebouwd. Er was zelfs sprake van voldoende variatie. Tijdens knallers als Turbo Killer en Sexkiller On The Loose werd er hard gedanst en gemosht, maar de show kende met o.a. het melancholische Anarchy Road ook aangename rustpunten. Ook gaan er pluspunten uit naar het visuele aspect. De lichtshow was fraai met zwaailichten, lichttorens en een discobal. Nog vermakelijker waren de videobeelden van b horror- en sci-fi films die constant werden getoond.

Een ding dat zeker niet onbesproken mag blijven aan dit optreden is het knallende einde. Na slotnummer Le Perv kwam Carpenter Brut nog een keer het podium op voor een toegift. Wat we echter kregen zag vrijwel niemand aankomen. Namelijk: een cover van Michael Sembello’s Maniac. Je weet wel, dat foute popnummer uit de film Flashdance. En raad eens? Het publiek ging volledig uit zijn plaat en zong het uit volle borst mee! Het was bijna surrealistische om zoiets op Roadburn te zien, maar het werkte gewoon. Dit was een groot knalfeest waarin iedereen werd meegetrokken en er bezweet doch voldaan uitkwam. Het is dat Ulver een dag later speelde, anders wat dit met stipt mijn hoogtepunt van het festival. (S)

Carpenter Brut