Live: Roadburn 2017 – Zondag 23 April, lijstjes & algemene gedachten

Roadburn is een fenomeen op zich. Het festival slaagt er als geen ander in om verschillende uithoeken van het zwaardere genre samen te brengen tot één coherent geheel. En dat niet alleen, vele bands maken geven graag net dat beetje extra of komen verrassend uit de hoek met unieke performances. In het derde weekend van april was daar alweer het hoogtepunt van het jaar op muzikaal gebied. Murmure trok drie man sterk naar Tilburg om vgerslag te doen. Met enig schaamrood op de kaken wegens de late timing, volgt hier het laatste deel van het verslag. Tot slot volgen aan het einde ook nog diverse lijstjes van ons en enkele andere zaken die nog niet genoemd zijn in de overige verslagen.

Tekst door: Sinan en Daniël

Foto’s door: Jurgen van Hest

Temple Ov BVV

De vierde, en inmiddels eveneens een vrijwel volledige festivaldag met de toevoeging van Het Patronaat dit jaar, startte voor ons aan de Main Stage met Temple Ov BBV. Temple Ov BBV is een samenwerkingsverband tussen GNOD en Radar Men from the Moon. Dat betekende dus dat GNOD dit weekend alweer voor de vierde keer op het podium stond. Dit samenwerkingsproject resulteerde in uitgesponnen tracks die elk hun eigen opbouw kenden. Soms geslaagd, soms iets minder geslaagd. Het was vooral een relatief rustige, fijne manier om de dag mee te openen. (D)

Author & Punisher

Tijd voor Author & Punisher. Trevor Shone, de man achter dit project, maakt industriële doom, maar doet dat op opzienbarende wijze. Om zijn machinale klanken live ten gehore te brengen gebruikt hij voornamelijk zelfgemaakte elektronische apparaten. In een soort science fiction-achtige setting zat Shone achter zijn synthezizers, mengpanelen een grote stemvervormer. Rechts van hem stond een hendel waarmee hij galmende klanken produceerde, en links een piston waar Shone al trekkend en duwend de drums mee simuleerde. Deze podiumopbouw was imposant en droeg zeker bij aan de industriële sfeer.

Visueel zat het dus wel snor, maar toch miste dit optreden iets belangrijks; een spanningsboog. En dat is doodzonde, want er was veel potentie. Shone heeft een perfect huwelijk weten te sluiten tussen het langzame, gekwelde van doom met de kilheid van industrial. De songs klonken slopend en sinister, maar hadden desondanks weinig om het lijf. Het werd naar verloop van tijd langdradig en gewoon teveel van hetzelfde. De donkere atmosfeer en machineklanken klonken fantastisch, maar Shone vergat stomweg om er daadwerkelijk iets bijzonders mee te doen. Helaas moeten we dus concluderen dat dit een optreden was dat vooral werd gedragen door een gimmick. Ik had er meer van verwacht. (S)

Author & Punisher

Pallbearer

De rij voor Sumac, dat met Aaron Turner en Brian Cook in de gelederen gerust een supergroep mag worden genoemd, was ruim voor aanvang van de show gigantisch. Geen Sumac dus voor ons, maar wel Pallbearer.

Pallbearer is typisch zo’n band die ik qua naam al veelvuldig tegen was gekomen, maar nog nooit echt goed had gecheckt. En verdomme, wat heb ik al die tijd gemist. Sinds het optreden op Roadburn, is de nieuwste telg Heartless niet meer uit mijn platenspeler weg te slaan. Pallbearer overtuigde vooral met zijn melancholische en melodische gitaarwerk, simpelweg zo mooi! Daarnaast was de belichting van het podium ook ronduit perfect. Bijzonder sfeervol met verschillende kleuren, wat naadloos aansloot op de muziek. Puntje van kritiek is dat de zang niet altijd even sterk was, maar muzikaal werd dat op alle fronten goed gemaakt. Ik zou haast zeggen dat ik blij ben Sumac gemist te hebben. (D)

Pallbearer

Les Discrets

Voor aanvang van het festival was Les Discrets wellicht één van de bands waar ik het meest naar uitkeek om eindelijk live te gaan zien. De dromerige shoegaze/post-rock van de band staat hier met regelmaat op, maar de band had ik helaas nog nooit live kunnen aanschouwen. Tot deze dag, helaas.

Helaas?

Helaas.

Want, om meteen met de deur in huis te vallen: het was gewoon slecht. Zowel de zang van Fursy en met name de zang van Audrey was niet best. Fursy klonk nog enigszins aanvaardbaar, maar Audrey zat er een aantal maal flink naast en bovendien was het bij wijlen ook nog aardig vals. Daarnaast heb ik geen flauw idee welke drummer Fursy bij zich had, maar het zou geen gek idee zijn als hij voortaan thuis zou blijven. Met enige regelmaat klopte het niet wat de man aan het doen was en bovendien, al kan de beste man daar iets minder aan doen, stonden de drums ook nog veel te hard in de mix. Tot slot ontbrak het ook aan enige gelaagdheid in het geluid, waardoor het moeilijk was om weg te dromen op de muziek van Les Discrets, toch wel waar de band het van moet hebben. Om uiteindelijk toch nog met een positieve noot te eindigen: Gaaf dat ze naast een hoop nieuwe songs van Prédateurs ook een paar oudjes speelden zoals Le Mouvement Perpetuel en Song For Mountains. (D)

Ulver

Ulver is zo’n band waarvan je nooit weet wat ze zullen doen. Begonnen ooit als blackmetal, maar tegenwoordig zijn ze zo ver geëvolueerd dat er niet meer een label bestaat voor deze Noren. Onderweg werden genres als neo-folk, ambient en elektronica al aangedaan. Maar met The Assassination of Julius Caesar had Ulver weer heel wat nieuws klaargespeeld, zo bleek enkele weken eerder.

De show van vandaag stond dan ook in het teken van deze nieuwe plaat die vol met electro/synthpop staat. Het doet in de verte wat denken aan Depeche Mode, maar toch is het nog steeds honderd procent Ulver. En het klonk fantastisch. Hypnotiserende, pakkende en duisteren klanken galmden van het toneel iedereen leek diep onder de indruk te zijn van wat Ulver ons hier voorschotelde. Bovendien, naast alle acht nummers die terug te vinden zijn op The Assassination of Julius Caesar, werden sommige nummers voorzien van een prachtige intro of outro. De meest memorabele improvisatie hiervan was het schitterend stukje piano vlak voor So Falls the World, wat op zichzelf al een van de gaafste songs is van de nieuwe plaat. Maar damn, wat maakte Ulver het live nog zo veel beter, mede dankzij ook de lichtshow.

In die lichtshow schenen twee lazerlampen projecties op een zwart doek met een stijl die ergens hing tussen neon en retro en bovenal erg gestileerd. Het zag er bijzonder kunstzinnig en uniek uit, alsof je naar een levend schilderij zat te kijken. Bovendien vormden de muziek en de projecties ook nog een geheel. Tijdens het hierboven genoemde So Falls the World, wordt er dikwijls een referentie richting het Oude Rome gemaakt en de projecties bestonden tijdens dat nummer uit onder andere helmen en zuilen. En was het tijdens Transverberation simpelweg genieten van een lazershow, terwijl er ook op de achtergrond een aantal projecties werden getoond. Hoewel het visuele aspect van Mysticum de vorige avond bijzonder gaaf was, werd dat door Ulver met gemak nog eens overtroffen.

Het klinkt alsof het optreden bijzonder strak geregisseerd was, en dat was het ook zeker, maar tevens was het ook bijzonder spontaan. Zo werd er door een persoon geschreeuwd of de band niet terug kon naar zijn blackmetalroots, waarop frontman Kristoffer Rygg droogjes met een “nee” de persoon van repliek diende. Daarnaast klonk er een aantal maal een welgemeende “thank you” richting het publiek, dat Ulver op momenten een ovatie gaf.

Alles leek simpelweg aan dit optreden te kloppen, van begin tot eind. Spontaan en bijzonder strak. Imponerend en dromerig. Dansbaar en hypnotiserend. Betoverend en krachtig. Het is slechts en greep aan diverse woorden waarmee het optreden van Ulver beschreven kan worden. Uiteindelijk wist ieder van ons: beter kan het niet en beter wordt het niet. Dit was simpelweg akelig perfect. (S&D)

Emma Ruth Rundle

Emma Ruth Rundle

Eigenlijk konden we na Ulver allemaal wel naar huis. Niets kon immers zo’n audiovisuele tour de force evenaren, laat staan overtreffen. Het is daarom extra knap dat Emma Ruth Rundle juist een hele diepe indruk achterliet. Deze dame kennen sommigen wellicht van Red Sparrowes en Marriages, maar nu stond ze solo, in de puurste zin van het woord. Geen backing-band, slechts gewapend met haar (akoestische/elektronisch) gitaar en stem. De songs van deze dame zijn erg sober, maar tegelijkertijd schitterend in hun eenvoud. Het galmende gitaar getokkel klonk melancholisch en vormde zodoende een perfecte begeleiding voor de hoofdattractie: de zang. Rundle heeft een stemgeluid dat doet denken aan Emily Bindiger en Chelsea Wolfe. Mooi, maar dus ook erg beladen. Bij elke uithaal en zucht voelde je de gemeende emoties eruit stromen, waardoor je volledig ontroerd raakte. Dit bleek wel uit het publiek, want dat zat muisstil te kijken naar het adembenemende optreden. Doodzonde dat Emma tien minuten voor haar geplande speeltijd al van het podium stapte, dit intieme optreden had namelijk nog uren verder mogen gaan. (S)

Hypnopazūzu

Een van de grootste publiekstrekkers van de zondag was zonder twijfel Hypnopazūzu. Dit nieuwe project van David Tibet (Current 93) en Martin ‘Youth’ Glover (Killing Joke) bracht vorig jaar zijn debuut Create Christ, Sailor Boy uit, en deze lande naar verluid in mening jaarlijstje. Bij ondergetekende is het album volledig onder de radar gebleven, maar wat ik hier hoorde heeft zeker interesse gewekt. De stijl van Hypnopazūzu is zeer experimenteel. Zo erg zelfs dat ik nog steeds kan bevatten wat er allemaal gebeurde. Elektronica, folk, post-punk, art-rock, prog; allemaal kwam het langs, maar toch hoorde het nergens bij. Dit is muziek zonder clichés, volstrekt uniek, en dat is altijd goed.

De composities van dit gezelschap waren lang van stuk en traag in opbouw. Dit in combinatie met de bijzondere sound zorgde ervoor dat het lang duurde voordat het kwartje viel. Geduld was dus een vereiste. Toch kon je er niet van weg lopen, want er werd constant naar iets opgebouwd. En ook al was er nergens sprake van grote climax, toch bleef het intrigerend. Soms is de reis nu eenmaal belangrijker dan de bestemming. Het hielp daarnaast ook wel dat het samenspel van hoog niveau was. De band speelde zijn partijen loeistrak en vol overtuiging, bijna op rituele wijze. Het waren vooral de vioolpartijen die het optreden kleur gaven, maar ook de drums, gitaar en synths mochten er zijn. De man die echter de show stal was David Tibet met zijn markante stem. Hij bracht zijn poëtische teksten op een wijze die sinister en theatraal was, maar tegelijkertijd ook elegant. Eigenlijk zoals alleen een Brit dat kan. Hypnopazūzu’s optreden was intrigerend, bijzonder en bovenal goed. De hype is wat mij betreft dus zeker terecht. (S)

Hypnopazuzu

Inter Arma

We sluiten de zondag – en daarmee het avontuur – af in het Patronaat met post-metalband Inter Arma. Ik heb dit vijftal drie jaar terug gezien in het kleine Merlyn, en sinds die tijd zijn ze alleen maar beter geworden. De Amerikanen speelde op keihard volume en lieten hiermee het Patronaat op zijn grondvesten schudden. Wel minder was dat het – overigens uitstekende – drumspel de boel aanvankelijk flink overstemde. Dit werd gelukkig al snel gefixt, waardoor we ook van de rest konden genieten, zoals de machtige zang, de gitaar en uiteraard de sound. De post-metal van Inter Arma is erg avontuurlijker, zo niet bijna experimenteel. Moeiteloos werd er gesprongen van death-, black-, post-rock-, doom- en sludge passages, en dankzij het vele gebruik van een theremin had de show ook een dik psychedelisch randje. Het was veel om te bevatten, maar het mixte allemaal wonderwel tot een bruut doch genuanceerd geluid.

Deze naadloosheid merkte je ook terug in het songmateriaal. Er werd een handjevol nummers gespeeld, voornamelijk van het nieuwe Paradise Gallows, maar eigenlijk leek het eerder op één grote compositie. Dit kwam enerzijds door de sterke opbouw, maar ook omdat er geen pauzes tussen de songs zaten. Er was altijd wel iets dat de leegte vakkundig opvulde, een gitaarintermezzo, een mini drumsolo of spacey thereminklanken. Nooit viel het optreden stil en hierdoor waren de naden en zomen van de songs nauwelijks hoorbaar. We kunnen dus met recht vaststellen dat Inter Arma het publiek bij de strot pakte en pas losliet bij het einde. En over het einde gesproken:  voor hun laatste nummer liet de band twee roadies opdraven met grote trommels voor extra slagkracht. Alsof het nog niet imposant genoeg klonk. Het zal me niets verbazen mocht Inter Arma volgende keer plaatsnemen op het grote podium. Want met dit magistrale optreden bewezen de heren dat ze thuishoren bij de grote jongens. (S)

Whishlists voor komende editie(s)

Sinan:

Gewone bands:

Laibach, Circle Takes The Square, Envy, The Joy Formidable (The Big Roar integraal) Kinoku Teikoku (Euraka integraal), Godflesh/Jesu, Pendejo!, Sun Kil Moon, Wrekmeister Harmonies, The Meads Of Asphodel, Shining (Noorse), Thy Catafalque, Vaura, Bell Witch, And So I Watch You From Afar, The Soft Moon, Astronoid, Jambinai, The Black Queen, Obnox, Cough, Monster Magnet, Mdou Moctar, The Budos Band, Olde Growth, Tad, Nux Vomica, Portishead, Krallice, Spiders, Falloch, Lantlos, Hessian, Wiegedood, Raketkanon, Cynic, Royal Thunder, Seagrave, Fistula, Willoos, This Gift Is A Curse, Witchsorrow, Lo-Pan, Death Grips, Hateful Abandon, Grey Aura, Germ, Fen, The Monolith Deathcult, The Flight Of Sleipnir, Publicist UK, Anciients

Curator:

Mijn droomkandidaat is Phil Anselmo samen met Jimmy Bower. Mocht dat niet lukken, dan neem ik ook zeker genoegen met Ihsahn, Aaron Turner, Justin Broadrick, Claudio Simonetti, Neige, Brant Bjork, Steve Albini, Mark Arm of Dave Wyndorf.

Artist in Residence:

Mike Patton (solo, Tomahawk, Fantômas , Peeping Tom), Vampillia (2 shows +  VMO), Igorrr/Rïcïnn(Igorrr, Corpo Mente, Öxxö Xööx, Whourkr), Emma Ruth Rundle (solo, Marriages, Red Sparrowes),

Daniël

Gewone bands:

Acherontas, Agrypnie, Almyrkvi, Antaeus, Avatarium, Black Country Communion, The Black Queen, Botanist, Cultes Des Ghoules (Coven or Evil Ways Instead of Love integraal), Death Penalty, Der Weg Einer Freiheit, Dornenreich (akoestische set), Envy, Explosions in the Sky, Falloch, Fen, God Is An Astronaut, Heretoir, Izah, Jambinai, Katatonia (Brave Murder Day integraal), Klimt1918, Long Distance Calling, Mono, Olde Growth, Rebirth of Nefast, Royal Thunder, Sinmara, Sivert Høyem (Madrugada-set), Shibalba, sleepmakeswaves, Tiamat (Wild Honey integraal), Urfaust, Ulcerate, Wormlust, Zeal & Ardor (zonder geluidsproblemen)

Curator:

Neige, Cavanagh-brothers, Erik Danielsson, Jonas Renkse, Ihsahn

Artist in Residence:

Swallow the Sun (Songs From the North I, II & III)

Top 10 favoriete optredens

Sinan:

  1. Ulver
  2. Carpenter Brut
  3. Trans Am
  4. True Widow
  5. Inter Arma
  6. Bongzilla
  7. Emma Ruth Rundle
  8. Aluk Todolo
  9. Dalek
  10. Zeal & Ardor

Daniël:

  1. Ulver
  2. Ultha
  3. Esben and the Witch
  4. The Devil and the Almight Blues
  5. Oranssi Pazuzu
  6. Zeal & Ardor
  7. Naðra
  8. Misþyrming
  9. Auðn
  10. True Widow

Top 6 favoriete Roadburn momenten

Sinan/Daniël

  1. Ulver: gewoon het complete optreden
  2. Zeal And Ardor: Het publiek dat spontaan Devil is Fine begon te zingen, nadat het geluid voor de tweede maal uitviel.
  3. Carpenter Brut: de cover van Michael Sembello’s Maniac.
  4. Trans Am: frontman Nathan Means die nonchalant een zak doritos leeg eet, terwijl hij ondertussen geen noot mist.
  5. Subrosa (Subdued): The Mirror.
  6. Bongzilla: De complete adoratie voor weed gedurende het hele optreden

Algemene gedachtes:

2017 was wederom een absolute top editie. De sfeer was ongedwongen, het publiek erg prettig en natuurlijk heb ik weer flink wat prachtoptredens mogen zien. Het festival kwam wat traag op gang voor mij, vooral de donderdag begon erg matig, maar naarmate het vorderde heb ik steeds meer genoten. De organisatie heeft dit jaar ook de nodige gewaagde groepen geboekt zoals dalek en Carpenter Brut, maar deze deden maar weinig onder voor de meer conventionele Roadburn-groepen. Kortom: hulde daarvoor, hopelijk blijven ze op deze manier boeken. Met als kleine kanttekening dat ik wel graag iets meer stonerbands terug zou willen zien op Roadburn. Dat blijven immers de roots van het festival. (S)

Als er ergens over moet worden geklaagd, dan is dat over precies hetzelfde probleem als van vorig jaar: de soms lange rijen bij het Patronaat, Extase en Cul De Sac. Vooral de rijen bij Batushka en Zeal And Ardor waren absurd. Hopelijk komt hier een oplossing voor, want het is natuurlijk jammer dat je soms al een uur van te voren aanwezig moet zijn om überhaupt binnen te komen. Met als gevolg dat je potentieel een hoop andere shows mist. Daarnaast was de nieuwe opzet van de merch ook niet fijn. Er waren vaak lange rijen en dikwijls kwam het voor dat een bepaald gedeelte van de merchtent gewoon niet geholpen werd, totdat er meerdere malen werd geroepen naar een van de medewerkers. Desondanks zijn wij volgend zeker weer van de partij. Roadburn blijft een festival voor de echte muziekliefhebbers, dat bleek wel weer. (S & D)